top of page

Wie is Herman Wijns (Chrisko-koor)

Refrein:
Wie is Herman Wijns?
Een jongen van tien jaar.
Gewoon en alledaags
stond hij voor allen klaar.
Hij werd door God gekozen
om dicht bij Hem te zijn.
De liefde werd ontstoken
in zijn hartje klein en teer

Een jongen zoals jij en ik
geroepen door Onze Heer.
Wilde Hem graag navolgen,
iedere dag telkens weer.
Hij had al snel begrepen
waar het in het leven om draait.
Dienend en zichzelf vergetend,
gehoorzaamde hij aan Gods plan.
Dienend en zichzelf vergetend,
gehoorzaamde hij aan Gods plan.

Refrein

Een jongen nog heel jong en klein
geroepen door Onze Heer.
Wilde graag een dienaar zijn
in de kerk van de Heer.
Iedere dag de eerste mis,
Herman stond altijd voor Hem klaar.
Ondanks kou of zere voeten
verlangde hij naar Gods altaar.
Ondanks kou of zere voeten
verlangde hij naar Gods altaar.

Lied tot Herman Wijns
Tekst: H. Marijnissen
Muziek: Op de melodie van: God groet U zuiv're Bloeme, Maria Maged fijn

1
Te Merksem werd geboren,
een zéér lieftallig kind.
Het werd dan ook héél spoedig,
door iedereen bemind.
Vooral zijn lieve ouders,
die niet vermoedden dat...,
Zij in hun kindje hadden,
een zéér kostbare schat.

2
Eerst Misdienaar, dan Priester,
was, wat Gij worden zou.
Ondanks Uw wintervoetjes,
troseerde Gij de kou.
Gij waart zó vroom aan 't altaar,

Gij diende trouw de Mis.
Gij hield van Uwen Jezus,

in Zijn Geheimenis

3
Gij had een grote liefde,

voor OnzeLieve Vrouw.

Gij minde Haar zó innig,
Gij bleef Haar altijd trouw.

Zo bad Gij alle dagen
het Rozenkrans-gebed.
Gij waart ja boven alles,

volhardend in 't gebed.

4
Gij waart voor al Uw vrienden
een trouwe kameraad.
Gij waart voor hen een voorbeeld,
stond steeds voor hen paraaat.
Gij waart steeds stipt gehoorzaam,
gedienstig voor elk-een.
Gij hield meer van het lachen,
t is beter dan geween.

5
Plots werd dit jonge leven,
voortijdig weggerukt.
De Bloem de blanke Lelie,
is nu voor goed geplukt.
Nu zijt Gij in de hemel,
nu zijt Gij dicht bij God.
En daar geniet Uw zieltje,
het vol en puurst genot.

6
Gegroet, o lieve Herman,
gegroet, o Engel-rein.
Gegroet, o lieve jongen,
die Priester wilde zijn.
Gegroet, Gij die op aarde,

een toonbeeld waart van deugd.
Verkrijg voor ons eens Herman,

de eeuw'ge zaal'ge vreugd.

7
Onschuldig kind, o Herman,

zie ons hier voor Uw graf.
Gij die reeds zóveel hulp en troost

en ook genezing gaf.

Ook wij, wij komen vol geloof
hier om Uw voorspraak staan.

Laat niemand van ons

zonder troost of hoop hier gaan vandaan.

8
O Herman, lieve Engel,
hoor onze bede aan.
Spreek Gij voor ons ten beste,
beveel ons bij God aan.
Bid Gij voor ons, smeek Gij voor
ons, help ons in alle nood.
Bekom voor ons in 't laatste uur,
óók zó een zaal'ge dood.

Te Merksem op het kerkhof
Tekst: Walter De Vogel
Muziek: Melodie van: “Te Lourdes op de bergen”.

1. Te Merksem op het kerkhof, ligt in een mooi graf
een jongen begraven, die misdienaar was.

Ave, ave, ave Maria (bis)


2. Zijn naam was Hermanneke, een nederig kind,

hij was altijd vrolijk en blij-ij gezind.

Ave, ave, ave Maria (bis)


3. Hij bad alle dagen, tot God onze Heer,

en ging de mis dienen, ja elke dag weer.

Ave, ave, ave Maria (bis)


4. Nu is hij in de hemel, een priester bij God,

hij werd uitverkoren, want dit was zijn lot.

Ave, ave, ave Maria (bis)


5. Wij bidden om uw voorspraak, ied’re maal telkens weer,

en leggen ons intenties, hier bij uw graf neer.

Ave, ave, ave Maria (bis)

6. Zo zingen wij samen, voor jou dit mooi lied,

wij blijven voor u bidden en vergeten u niet.

Ave, ave, ave Maria (bis)

bottom of page